De weg als barrière

Het wegennet in Nederland wordt steeds drukker. Daarom worden wegen aangelegd en bestaande wegen heringericht (‘opwaarderen wegen’). De aanleg van nieuwe wegen, maar vooral het opwaarderen van bestaande wegen breekt de infrastructuur voor voetgangers/wandelaars, fietsers en ruiters op. Onneembare barrières voor deze groepen ontstaan; de kans dat je moet omlopen is groot. Wandelnet denkt daarom op landelijk niveau mee over oplossingen die de mogelijkheden voor voetgangers/wandelaars zo min mogelijk beperken. 

Type wegen en oversteekplaatsen

Er bestaan verschillende typen wegen in Nederland. De belangrijkste drie categorieën zijn:

Stroomwegen (bijvoorbeeld autosnelwegen; een barrière voor wandelaars) 

Gebiedsontsluitingswegen (bijvoorbeeld rondwegen; vaak een barrière voor wandelaars) 

Erftoegangswegen (zoals in woonwijken; te gebruiken door wandelaars)

Deze verschillende typen wegen hebben op uitéénlopende wijze invloed op de bewegingsvrijheid en -mogelijkheden van de wandelaar en de voetganger. Soms kan de wandelaar gebruik maken van deze wegen, maar nog veel vaker vormen ze juist een barrière. Soms worden hele gebieden ingesloten door ‘stroomwegen’ en ‘gebiedsontsluitingswegen’ die slechts op enkele (drukke) punten te kruisen zijn. We spreken dan wel van versnippering en verhokking van de ruimte en het bijbehorende netwerk van wegen en paden voor het langzame verkeer.

Het CROW (kennisplatform voor o.a. infrastructuur) hanteert richtlijnen voor de maximale afstand tussen twee plekken waarop (spoor)wegen gekruist kunnen worden. Dit wordt ‘maaswijdte’ genoemd. Volgens deze richtlijnen mag een omweg: 

•   Binnen de bebouwde kom niet meer dan 500 meter zijn;

•   Aan de stads- of dorpsrand niet meer dan 1.000 meter zijn;

•   Buiten de bebouwde kom niet meer dan 1.500 meter zijn.

Meedenken vanaf de planfase

De oplossing van het probleem zit niet altijd in een dure brug of tunnel. Er valt veel te winnen wanneer bij de ontwikkeling van een weg in de onderzoeks- of planfase bewust wordt gekozen voor een integrale, gebiedsgerichte en locatie-specifieke aanpak. Een simpele taludtrap, een goed ingerichte oversteek met middenberm (die gefaseerd kruisen van een weg mogelijk maakt) of een berm die geschikt is voor wandelaars, kunnen de barrière voor wandelaars acceptabel maken. Dan zijn de netwerken voor snel- en langzaam verkeer gelijkwaardig en complementair. 

Wandelnet denkt graag al in de onderzoeks- of planfase mee. Dat doen we onder andere in samenwerking met andere recreatieve partners, zoals de ANWB, Fietsersbond, het Landelijk Fietsplatform, NOC*NSF en de Hippische Sportfederatie KNHS. De belangen van wandelaars gaan bij barrières immers vaak samen met die van fietsers, ruiters en andere recreanten.

In de 30 jaar dat wij ons sterk maken voor de belangen van wandelaars en voetgangers, hebben we veel kennis en ervaring opgedaan. Deze delen we graag, zodat we gezamenlijk naar de beste oplossingen kunnen zoeken. Kijk hiervoor in onze routedatabank en onze referentieprojecten.

Steun ons